Begin oktober zei minister van Defensie Dilan Yeşilgöz in de Tweede Kamer dat Rusland niet meer “de agressor” is, maar “de vijand”. Een dag later zei premier Jetten hetzelfde. Ik schrik daarvan. Niet omdat ik Poetin wil verdedigen, maar omdat ik tegen elke oorlog ben. En oorlog begint vaak met woorden.
Van agressor naar vijand
Het lijkt maar een woordje. Yeşilgöz zei er zelf bij dat het beleid niet verandert en dat Nederland niet in oorlog is. Maar waarom dan dat woord? Een vijand is iemand tegen wie je vecht. De Russische ambassade reageerde meteen met een dreigement: daar zouden ze “direct en verpletterend” op reageren. Zo gaat het heen en weer, en voor je het weet loopt het uit de hand.
Zelfs het kabinet twijfelde
Opvallend: minister van Buitenlandse Zaken Berendsen stond donderdag nog achter Yeşilgöz, maar vrijdag gebruikte hij het woord vijand niet meer. Hij had het toen over “onze grootste veiligheidsdreiging”. Ook oud-diplomaat Ron Keller vond het onhandig. Hij wees erop dat de NAVO het woord vijand al jaren bewust vermijdt, en dat Poetin zulke woorden juist kan gebruiken om zijn eigen volk mee te krijgen.
En Amerika?
Op sommige sites lees je dat Amerika Yeşilgöz heeft teruggefloten. Dat is net iets te sterk. Wat wel klopt: volgens persbureau Reuters hebben mensen van het Pentagon Europese bondgenoten achter de schermen gevraagd om minder hard te roepen over Rusland. Dat ging vooral over de Baltische landen, Nederland werd niet genoemd. Toch vind ik het veelzeggend. Zelfs Amerika, de grootste militaire macht ter wereld, vindt dat Europa te hard van stapel loopt.
Wie betaalt de prijs?
In de Kamer kwam een motie die zei dat Rusland niet de vijand van Nederland is. Maar 18 Kamerleden stemden voor. Ik denk aan de gewone mensen. Aan beide kanten zijn het altijd de gewone mensen die sterven, hun huis verliezen of hun kinderen zien vertrekken. De politici met de stoere woorden staan zelf niet aan het front.
De andere kant
Eerlijk is eerlijk: Rusland is Oekraïne binnengevallen. Yeşilgöz en Jetten zeggen dat ze Nederland scherp willen houden op sabotage en dreiging, en dat duidelijke taal juist kan helpen om een aanval te voorkomen.
Mijn keuze
Toch kies ik voor iets anders. Ik geloof niet dat je vrede dichterbij brengt door de ander vijand te noemen. Vrede begint met praten, niet met ophitsen. Daarom doe ik niet mee aan die oorlogstaal. Niet tegen Rusland, en niet tegen wie dan ook.


Geef een reactie